4e zondag 40-dagen-tijd: 2 maart 2008 Dienst van Schrift en Tafel.
Begroeting en mededelingen
Aansteken Paaskaars [met gesproken tekst]
laetare, verheugt u Jesaja 66:10 ”Verheugt u met Jeruzalem en juicht voor haar”.
Aanvangspsalm: psalm 23 : 1 + 3
Stil Moment
Groet en Bemoediging
Drempelgebed
God, vergeef ons al die keren dat anderen ons koud lieten. Vergeef ons al die keren dat we elkaar niet aanzagen met een blik als een uitgestoken hand. Goede God, doe onze ogen stralen omdat we genade in uw ogen vonden. Maak onze harten warm over uw liefde Amen.
Klein Gloria
Laten we ons op deze zondag “laetare” verheugen in onze God, die groot van goedheid is, warm van hart en lang van geduld, die vergeeft en geneest, die gerechtigheid doet, die uw leven verlost van het graf, die u kroont met goedheid en liefde.
Gezegend is de Heer, die eeuwig van ons houdt, zijn gerechtigheid brandt in de warmte van zijn hart. Hij krijgt tóch gelijk met zijn vrede op aarde. Hij zal alle tranen afwissen en een lach leggen op onze tong. Hij heeft ons Zijn Woord gegeven om ons moed in te spreken, om ons te leren. Laten wij bidden.
Gebed van de zondag
Heer, schenk ons vanmorgen het licht van uw waarheid, drijf ons voort met de kracht van uw Woord, spreek ons aan en leer ons uw taal te verstaan. Spoel ons hoofd en ons hart met het levende water van uw woord. Opdat wij door uw Geest zuiver leren denken en zien en doen. Amen
Geroepen om te zingen 186 : 1,2,3 [naspel kinderen naar voren]
na gesprek met de kinderen projectlied voor de 4e zondag
Schriftlezing: Nehemia 5
Gezang 233 : 1 [ graag voorspelen ]
Preek
Orgelspel
Kinderen komen terug
Dankzegging en voorbeden
Inzameling van de Gaven onder orgelspel
Viering Heilig Avondmaal
Geroepen om te zingen lied 202 : 1 t/m 5 [ graag een keer voorspelen ]
Tafelgebed volgens bijlage “Door water en woestijn”
tijdens de lezing zingen we Gezang 457 : 1
Deling Brood en Wijn onder orgelspel
Dankzegging
Slotlied: Geroepen om te zingen: lied 241 : 1 t/m 3
Heenzending en Zegen
Gemeente van de Heer,
Een deel van het volk klaagt. Vooral veel vrouwen protesteren. Wat is er aan de hand? De herbouw van Jeruzalem is zover, dat haar bewoners terug kunnen keren naar hun huizen. De bevrijding is een feit. De eerste euforie is geweest. Het gewone leven keert langzaam maar zeker terug.
Het gewone leven keert terug. Men pakt de draad van voor de ballingschap weer op. Denk maar eens aan onze bevrijding in 1945. Eensgezind en enthousiast pakt men de wederopbouw van ons land aan. Zoals het was zo zal het niet meer worden. Maar het gaat anders. Langzaam maar zeker keert het leven van voor de oorlog terug. Vergeten verschillen zijn weer net zo groot als voor die tijd. Of het nou om politiek gaat of geloof. Of het nu om arm gaat of om rijk.
Nou dat is er aan de hand in het nieuwe Jeruzalem. Zij leven alsof er geen ballingschap is geweest. Sterker nog: Veel gewoonten uit het land van Artaxerxes nemen zij over. En dat betekent dat een kleine elite steeds rijker wordt en de rest in armoede moet leven. De schulden stapelen zich op. Er is nauwelijks iets te eten, bezittingen moeten worden verkocht. Ja zelfs hun kinderen moeten zij verkopen voor het slavenwerk van de rijken. Dat is de reden, dat er zoveel vrouwen meelopen in de demonstraties. Zij hebben de zorgplicht. Het wordt hen onmogelijk gemaakt daaraan te voldoen. Nu zou dat voor mannen en vrouwen gelden, maar toen lagen de verhoudingen anders. Het leven wordt hen onmogelijk gemaakt.
Dit is niet de bedoeling van Nehemia. Dit is niet de bedoeling van God. “Wat u doet is niet goed. Hebt toch bij alles wat u doet ontzag voor God, anders haalt u zich de hoon van de vijandelijke volken op de hals”, horen we Nehemia zeggen. Dat laatste is een logische conclusie. God heeft hen bevrijd uit een land, waar niet God maar een dictator het voor het zeggen heeft. God heeft hen bevrijd uit een land waar de sterkste de baas is over de zwakste, waar zij een minderheid waren en daar ook naar behandeld werden. En dan zijn ze nog niet bevrijd of ze doen precies hetzelfde. Wat is dat voor een God.
Kijk, daar draait het om in onze lezing van vanmorgen: Leven naar Gods wil door elkaar het leven mogelijk te maken. In Jeruzalem gebeurt het tegenovergestelde. Voor velen wordt het leven een onmogelijke opgaaf en dat terwijl ze allemaal tot het uitverkoren volk van God behoren: “Maar we zijn toch van hetzelfde vlees en bloed als onze volksgenoten”, roepen ze vertwijfeld, “onze kinderen zijn toch niet minder dan die van hen!” Je zou er nog bij kunnen denken: “Hun God is toch ook onze God! Hun Bevrijder is toch ook onze Bevrijder”.
Het is een aanklacht. Een aanklacht tegen de levensstijl van dat moment. En dat nog wel in Jeruzalem. Terecht wordt Nehemia boos. Het raakt hem, het raakt hem diep, dat ze God al weer lijken te zijn vergeten, geen ontzag meer voor Hem lijken te hebben. Maar boosheid lost niets op, zo beseft hij. Hij neemt de tijd om eens rustig na te denken, om God om wijsheid te bidden. Pas dan treedt hij op. Zo wil God het niet. Hij, die ons het leven heeft gegeven, wil niet dat we dat elkaar ontnemen. Eerlijk delen. God heeft ons genoeg gegeven. Hij maakt daarmee geen onderscheid tussen mensen. Zijn liefde is voor iedereen.
Daarom is het ook zo fantastisch, dat we straks die geweldige liefde van onze Schepper, die geweldige liefde van onze Heiland met elkaar zullen delen in de symbolen van brood en wijn. Daarom is het ook zo goed, dat er een avondmaalscollecte is, waarin we onze rijkdom delen met de mensen, die niets of te weinig hebben. Voor onze medemensen in Colombia. Zo krijgt Gods liefde voor ons handen en voeten in onze liefde voor de mensen daar. Zo hoort het, zegt Nehemia. Dat is ontzag hebben voor God.
De wijsheid van een leider zet het volk terug op het rechte pad. Maar wij zijn baas over ons eigen leven. Als het ware leider van ons eigen bestaan. En zo komen we dan op ons geestelijk leven. Ook een geestelijk leven moeten we elkaar gunnen. Daarin moeten we elkaar de ruimte geven, respect hebben voor elkaars keuzes, anders maken we het die ander onmogelijk zijn geloof op zijn of haar eigen manier te beleven en te vieren. Dan spotten we net zo met God als de mensen toen. Ontzag voor God verwordt dan tot gezag over je medegelovige. En dan geldt de waarschuwing van Nehemia ook voor u en mij: “Wat u doet is niet goed”
Het leven op aarde is veelkleurig. Ieder leeft met een eigen verantwoordelijkheid. Ieder leeft met de zeden en gewoonten van zijn woonplek. Zo heeft God het gewild. En dat geldt ook voor het geloof. Ieder ervaart en beleeft zijn geloof op zijn of haar eigen manier. Zo heeft God het gewild. Het is als een veelkleurig glas-in-loodraam. Elke kleur geeft er haar eigen glans aan. Een prachtig geheel. Ingeklemd in het kozijn van Gods Woord. Met de punt wijzend naar boven. Geen kleur kan gemist worden, het raam zou minder mooi zijn, misschien wel uit elkaar vallen. Zonder kozijn mist het zijn houvast. Zonder de punt naar boven, naar God, mist het zijn waarde. Een kleurrijk geheel. En God ziet, dat het goed is. Laten wij onze geloofsmantels van alle ballast ontdoen en elkaar de ruimte geven, een eigen geloofsleven mogelijk te maken en zo samen een veelkleurige gemeente zijn. Samen het brood en de wijn delen. Zodat ook van ons gezegd kan worden: “Alle aanwezigen roepen ‘Amen’ en ze loofden de Heer, want iedereen komt zijn belofte na. Amen.
Bijlage bijlage viering Heilig Avondmaal
4 ‘Door water en woestijn’ (Veertigdagentijd)
U komt onze dank toe, Heer onze God, overal en altijd, door Jezus, onze Heer. Want Gij zijt onze bondgenoot op leven en dood. Gij hebt ons geroepen om als uw volk op weg te gaan door water en woestijn naar het land van uw belofte.
Uw Woord wijst ons de weg, uw Geest houdt ons in leven.
Daarom, Heer onze God, hebben wij het hart om samen met allen die uw roep hebben gehoord en uw weg zijn gegaan onze stem te verheffen
tegen al wat U onteert,tegen al wat ons bedreigt, en U te huldigen met ons lofgezang: gezang 457 : 1
Heilig, heilig, heilig! Heer, God almachtig,
vroeg in de morgen word' U ons lied gewijd.
Heilig, heilig, heilig! Liefdevol en machtig,
Drievuldig God, die één in wezen zijt.
Gezegend zijt Gij, God onze Vader, en gezegend is Jezus die komt in uw Naam.Want Hij heeft ons de weg gewezen, toen Hij ons allen voorging door de nacht van onze duisternis naar de morgen van uw licht. Hij is U trouw gebleven en heeft ons lief gehad tot het bittere einde van zijn eenzame gang
En toen Hij gekruisigd werd als de minste der mensen, hebt Gij Hem opgewekt uit de dood als de eerste van ons allen en Hem de Naam gegeven boven alle naam.
Laat uw Geest zijn woorden vervullen, nu wij doen wat Hij ons opdroeg:
Hij heeft in de nacht van de overlevering het brood genomen, daar de dankzegging over uitgesproken, het gebroken en aan zijn discipelen gegeven,
en gezegd:
Neemt en eet, dit is mijn lichaam dat voor u gegeven wordt, doet dit tot mijn gedachtenis.
Zo heeft Hij ook de beker genomen, daar de dankzegging over uitgesproken,hem rondgegeven en gezegd:
Drinkt allen daaruit, deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed dat voor u en voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden. Doet dit, zo dikwijls gij die drinkt, tot mijn gedachtenis.
Zijn dood gedenken wij, zijn opstanding belijden wij, zijn toekomst verwachten wij. Maranatha.
Bijeen tot zijn gedachtenis komen wij tot U, o God, met dit brood en deze beker en wij bidden U:gedenk het offer van de Zoon van uw liefde en aanvaard ons offer van lof en dank.
Zend uw Geest in ons midden en voeg ons allen tezamen tot een levende gemeenschap die U eert en dient, recht doet aan mensen, vrede sticht op aarde en hoopvol uw dag tegemoet gaat, met allen die wij voor uw aangezicht gedenken met allen die ons zijn voorgegaan, met wie ons lief waren en die we moesten verliezen ....., met de heiligen van naam en de ontelbare vergeten en, heel uw mensenvolk, genodigd aan uw maaltijd.
Gezegend zijt Gij, o God, nu en alle dagen en in uw Rijk dat komt,door Jezus Christus, onze Heer.Amen.